Willekeurige bemoediging
  • Antwoord mij…
    Psalm 4: Antwoord mij als ik roep, God die mij recht doet. Geef mij ruimte als ik belaagd word, wees …
Recente reacties
Archief

CD: U bent er altijd

Here is the Music Player. You need to installl flash player to show this cool thing!

Sometimes it hurts.

14764-it-hurts-to-let-go[1]Ik heb beloofd om vandaag te vertellen hoe je vurig kunt worden voor én door God. Aan de hand van het verhaal van Elia kun je zien dat je niet ver komt als je blijft hinkelen op twee gedachten. We hebben ook gezien dat een verbond tussen wereldse en Goddelijke zaken, absoluut op dood spoor eindigt. We hebben gezien dat we géén onkruid in ons leven moeten “zaaien” je denkt nu misschien, dat doe ik ook niet, maar wees er niet al te zeker van. En jammer genoeg is het dus wel degelijk mogelijk om van dat mooie nieuwe kleed, een stuk af te scheuren en het proberen in te passen in dat oude, anders zou het niet in de bijbel genoemd worden.

Misschien heb je erover nagedacht? Gekeken of er bij jou sprake is van één van deze dingen? Als twee partijen een verbond sluiten, dan is dat gebonden aan regels waar allebei de partijen zich aan dienen te houden. Wij hebben met God een verbond gesloten en de voorwaarden daarvan kunnen we lezen in Gods woord, daar staat het allemaal heel duidelijk beschreven. Één van de dingen die God bijvoorbeeld niet duldt, tóén niet en nu óók niet, is, dat we andere goden voor Zijn aangezicht hebben. Als ik die tekst van gisteren (Leviticus 19:19) samenvat en vertaal naar deze tijd, dan zijn er natuurlijk onnoemelijk veel voorbeelden van hoe je de inhoud van deze tekst, de waarschuwing die er van uit gaat, ongemerkt tóch genegeerd kunt hebben in je persoonlijk leven. Gewoon één klein voorbeeld, je houdt best wel van de Here God, en in het begin, als je net tot bekering bent gekomen, ben je nog helemaal in de wolken, je bent in vuur en vlam en helemaal vól van alles. (ook wel eerste liefde genoemd.) Maar van lieverlee wordt het allemaal wat “gewoner”, je houdt nog steeds wel van Hem, maar meer en meer komen er ook ándere dingen die “naast” hem, óók nog wel in je leven een plaats kunnen vinden. Laten we zeggen dat je voor je bekering een verwoed hardloper was, iets dat eigenlijk een beetje op de achtergrond is geraakt omdat je zó intens met de Here God bezig was. Maar nu alles een beetje gewoner wordt, komt dat lopen weer meer en meer terug want je hebt ontdekt dat je in de laatste maanden wat dikker bent geworden en je vindt jezelf daardoor lelijker geworden, enz. In dit éne moment, door deze éne blik naar jezelf is het mogelijk dat je een zaad zaait in je eigen hart, een zaad van ontevredenheid met jezelf. Dus je gaat nu toch weer meer hardlopen en de tijd die je eerst nam voor je relatie met de Here God, wordt langzaam maar zeker minder. Je eerste blik ’s morgens, die eerst voor de Here God was, is nu voor de spiegel om te zien of je er al op vooruitgaat. Je relatie die je met God hebt, koelt af en je krijgt een relatie met de spiegel en de weegschaal, die zijn belangrijk voor je. Maar word je daardoor meer tevreden met wat je ziet? Nee natuurlijk niet, wánt je hebt toch een zaad van óntevredenheid gezaaid??? Dat groeit wel door hoor en zal het goede overwoekeren. Maar je hebt het nog niet in de gaten, en je zegt tegen jezelf dat je een héle goede reden hebt om dit lopen vol te houden, want je lichaam heeft het duidelijk nodig en je moet toch ook goed voor je lichaam zorgen? En zo probeer je een stuk van dat nieuwe kleed (dat kleed van blijdschap, tevredenheid, overwinning) in te passen in dat oude. Je probeert je nieuwe leven in de vorm van dat oude te wringen, dat gaat niet lukken. Uiteindelijk groeit de ontevredenheid en komt er steeds meer waar je ontevreden mee bent. Mag je dus niet meer hardlopen? mag je geen leuke dingen meer doen? Natuurlijk wel, dit was slechts hypothetisch, maar het mag nooit de Here God van Zijn plaats verdringen, het mag geen “andere god” worden.

Dit houdt wél in dat er toch iets moet gebeuren, op het momént dat je merkt dat de dingen die je zó graag doet, een afgod worden, iets dat móét gebeuren, iets dat je voor je gevoel nóóit zou kunnen missen, moet een alarmbel doen afgaan. Een waarschuwing. En dan kán het weleens nodig zijn dat we deze dingen waar we zóveel plezier aan beleven (en vul het zelf maar in, er is zóveel) op het altaar brengen. Dat we ze “opofferen” en dan is het de bedoeling dat we écht radikaal zijn, en God vrágen om Zijn vuur. Het vuur dat uiteindelijk het offer van Elia verbrandde was een allesverterend vuur, het verteerde zélfs de stenen van het altaar, moet je nagaan, én al dat water, álles was in één tel verdwenen. We moeten dus wél bereid zijn óm alles te verliezen, om ook een daad te stellen. Elia bouwde dat altaar en vroeg toen om vuur, God heeft houvast nodig, iets óm te verbranden en dan zal Hij dat vuur zenden, en dat vuur zal de plaats van die afgod(en) innemen in ons. En wat ik dan ook zo mooi vind, zélfs dat water werd door het vuur opgelekt, dat wil dan óók zeggen dat het niet te blussen is.

vuur_en_vlam[1]Als wij dus om dat vuur vragen, ons offer gereed maken, zodát dat vuur een houvast heeft, dan kan het ook niet geblust worden. En weet je wat ik dan zo leuk vind? Wij willen zo graag in vuur en vlam staan voor de Here God, we hebben nu gezien dat we daar zélf voor kunnen zorgen, en áls dan dat vuur in ons zijn rechtmatige plaats heeft, denk je dan dat er nog iets is dat die plaats kan innemen? Álles wat een poging zou doen óm de plaats van dat vuur in te nemen, zou dan ook weer gelijk verbranden, toch? Zelfs náást dat vuur is er niets dat recht van bestaan heeft, ténzij het net zo heet is, en dus óók van God komt. Prachtig vind ik dat.


facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail


+ 7 = 12