Willekeurige bemoediging
  • 23 april 2005
    De zegen des Heren, die maakt rijk, zwoegen voegt er niets aan toe. Spr.10-22. Het is waar, de zegen des Heren …
Recente reacties
Archief

CD: U bent er altijd

Here is the Music Player. You need to installl flash player to show this cool thing!

De ring… 9

9.

trouwring

Eenmaal buiten gaan zijn voeten als vanzelf richting de begraafplaats waar Desi is begraven. Als hij bij haar graf komt zou hij haar nog zoveel willen vertellen maar hij zegt niets en kijkt alleen maar, heel stil staat hij daar en kijkt naar dat graf. Heel langzaam rolt er een traan over zijn wangen maar Menno merkt het niet eens, hij verdrinkt in een intense pijn en even heeft hij het gevoel of hij er gék van wordt!! Dan ineens hoort hij 2 vrolijke stemmetjes: “opa, opa!!” Menno kijkt op, hij ziet zijn kleine buurvriendinnetjes aankomen, samen met hun moeder. Jetteke heeft een mooie roos bij zich die ze heel voorzichtig en liefdevol op het graf legt. Dan kijkt ze Menno aan en zegt: “We hadden blijkbaar hetzelfde doel vandaag”. Ze ziet het intense verdriet van Menno en in een opwelling pakt ze zijn hand en neemt hem mee, weg van de begraafplaats. “Heb je zin om even mee te gaan voor een bakje koffie Menno? De meiden en ik zouden het gezellig vinden en ik weet zeker dat Freddy dat ook vindt. Jullie kunnen zo goed praten samen”. Menno kan nog geen woord uitbrengen maar hij knikt dankbaar en zo lopen ze naar hun eigen straatje, de 2 meisjes springend en giechelend voorop.

Eenmaal thuis laat Jetteke Menno achter bij Freddy en gaat ze snel koffie zetten. Even later geurt het hele huis naar de versgezette koffie en snel maakt ze ook nog een lekkere boterstaaf warm, een overblijfsel van de feestdagen. Als ze de kamer binnenkomt zijn Freddy en Menno al in een gesprek verwikkeld en zitten de meisjes samen te kleuren. Jetteke zet het blad met al het lekkers op tafel en twee paar mannenogen kijken naar haar met liefde en genegenheid. Ze deelt de koffie en de warme boterstaaf rond, brengt ook de meisjes een stukje en een lekkere beker warme chocolademelk. De 2 juichen, heerlijk warme chocolademelk, daar houden ze zo van. Er valt een stilte als ze aan hun lekkernij beginnen en hun koffie drinken maar het is een harmonieuze stilte, ieder geniet van deze momenten.

Jetteke gaat na de koffie aan de slag in de keuken om het avondeten te bereiden en gaat er maar van uit dat Menno blijft eten. Als hij de etensgeuren ruikt en bescheiden op staat om naar huis te gaan zegt Jetteke dat ze al op hem gerekend heeft en aarzelend, maar toch ook wel blij verrast, gaat hij weer zitten. Hier had hij niet op gerekend, een onverwachte meevaller. Dit had hij vanmiddag, toen hij zo diep in gedachten was en zich zo verdrietig voelde, niet kunnen denken. Ja, hier wordt zijn hart warm van en later aan tafel doet hij de maaltijd alle eer aan. “Het was heerlijk Jetje” zegt hij en dankbaar kijkt hij haar aan. “Fijn Menno, we vinden het gezellig als je van tijd tot tijd hier bij ons aanschuift, tenslotte is dat wat opa’s doen, toch?” vraagt ze met een schalks lachje. Menno wordt rood van verlegenheid maar de meisjes vallen hun moeder bij “Ja, opa Menno, wij vinden dat ook heel leuk!”. Freddy lacht en zegt: “Nou Menno, 3 vrouwen, daar kun je niet tegenop”. Menno lacht en om zijn verlegenheid te verbergen knuffelt hij de 2 kleine dametjes nog eens extra. Wat heerlijk als je het gevoel hebt dat je er zo bij mag horen. Een gevoel dat Menno alleen kent van Desi maar verder eigenlijk niet, een prachtig gevoel!

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

De ring… 8

8.

trouwring

Het is donderdag en op donderdag komt Marion, zijn trouwe hulp. Marion heeft alles van dichtbij meegemaakt en ook zij kan Menno de laatste tijd niet goed meer bereiken. Oh, hij is altijd vriendelijk, luistert als ze iets vertelt, geeft ook antwoord maar de echte interesse in wat dan ook ontbreekt. Meestal zit Menno op zo’n ochtend stilletjes in zijn stoel voor het raam met trieste ogen naar buiten te kijken.

Als Marion deze morgen met haar sleutel de deur opent staat Menno al meteen in de gang. Marion heeft in de tijd dat het met Desi zo slecht ging een sleutel gekregen zodat ze zichzelf binnen kon laten. Ze vertrouwden haar volkomen en Marion zou er ook nooit misbruik van maken. Menno vond het wel handig dat ze nog steeds gewoon op eigen houtje binnen kon komen, hoefde hij tenminste niet speciaal zijn stoel uit om de deur te openen. Maar vanmorgen is het anders, Marion ziet het meteen als ze binnenkomt. Menno lijkt minder somber, en dat hij naar de gang is gekomen is ook al bijzonder. “Goede morgen Marion, fijn dat je er weer bent” zegt hij en Marion groet hem vriendelijk terug. Na een kort praatje gaat ze meteen aan het werk maar als ze rond een uur of 10 gezellig aan de koffie zitten begint Menno meteen te vertellen wat hem gisteren overkomen is. Marion luistert geïnteresseerd en is blij voor hem. Wat is hij enthousiast dat hij zomaar een opa mag zijn, Marion loopt spontaan op hem toe om hem een kus op de wang te geven. “Wat heerlijk om u zo te zien meneer van Galen, wat ben ik blij voor u” zegt Marion en ze meent het oprecht. Ze heeft zo met hem te doen gehad en met hem meegeleefd. Ze heeft hem zien veranderen van een lieve, gemoedelijke, vlotte persoonlijkheid in een stille in zichzelf gekeerde oude man die met gebogen schouders door het huis doolde. Als Marion aan het einde van de ochtend de deur achter zich dichttrekt kijkt Menno eens om zich heen en is hij dankbaar dat zij zo trouw voor zijn huisje zorgt.

Die verdere week gaat Menno zijn eigen gangetje, soms is hij diep in gedachten, soms maken alle herinneringen hem diep verdrietig, maar er is ook een stukje dankbaarheid dat hij zolang met Desi samen had mogen zijn. Al met al dwarrelen er heel wat gedachten door zijn hoofd en passeren er heel wat emoties de revu. Hij leeft bij de dag en heeft eigenlijk geen toekomstverwachtingen meer, geen doelen, geen dromen, niets… hij leeft, ja, maar het leven is zinloos geworden, en zo zakt langzaam maar zeker de blijdschap van de woensdagmiddag met de kinderen weer weg. Morgen is het zondag, toen Desi nog goed gezond was gingen ze samen elke week naar de kerk, later toen zij dat niet meer kon luisterden ze samen elke zondag naar de kerktelefoon of keken naar een dienst op de televisie maar ook dat is er tegenwoordig niet meer bij. Menno heeft het gevoel dat het toch allemaal niet uitmaakt, oh niet dat Hij het geloof vaarwel heeft gezegd maar het luisteren naar preken voegt niets toe aan zijn leven. Hij wordt er niet door opgebouwd, eerder ergert hij zich aan veel dingen, gewoonweg omdat hij het niet meer verdragen kan als hij ziet of hoort dat mensen vertellen over de trouw van de Here God. Hij voelt zich min of meer in de steek gelaten door de Here God, want waarom moest zijn vrouw al zo jong sterven? Waarom mocht ze niet wat langer leven? Ze hadden er toch zo vurig om gebeden… Het doet Menno pijn om hieraan te denken, heel veel pijn. Menno staat op uit zijn stoel, trekt zijn schoenen aan en gaat naar buiten.

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

De ring… 7

7.

trouwring

“Buurman, buurman….” klinkt het, Menno kijkt op “ja Joy?” vraagt hij. Joy komt naar hem toe en kijkt hem verwachtingsvol aan “nou buurman, ehh Mandy en ik zaten te denken, mogen we u niet gewoon “opa”  noemen? U bent net zo oud als onze opa en dat klinkt toch veel gezelliger? Wij vinden u ook net zo lief als onze opa”. Menno kijkt recht in de lieve ogen van Joy die haar hoofdje naar hem heeft opgeheven, hij wordt ontroerd door de liefde die hij op dat kindergezichtje ziet. “Maar natuurlijk mogen jullie mij opa noemen lieverd, ik wil heel graag jullie opa zijn”, zegt hij met tranen in zijn stem. Blij huppelt Joy naar haar zusje om haar het goede nieuws te vertellen. Als Jetteke wat later in de middag thuis komt zit daar opa Menno met op iedere knie een meisje dat aandachtig luistert naar het verhaal dat opa vertelt. Jettekes hart wordt er warm van, hier had ze zó op gehoopt. Ze loopt snel door naar de keuken en gaat koffie zetten. Als ze even later de kamer binnenkomt met koffie voor henzelf en limonade voor de kinderen is het verhaal net uit. “Opa kan zó mooi vertellen mama” zegt Joy. Menno kleurt bij die woorden, “eh ja buurvrouw, ze vroegen of ze mij opa mogen noemen en ik heb gezegd dat dat goed was… eh, tenminste als jullie er niets op tegen hebben?” vraagt hij verlegen. Jetteke vindt het geweldig van haar meiden dat ze zich zo aan Menno hebben toevertrouwd en dat zegt ze ook tegen hem. “Ik vind het alleen maar heel fijn buurman” zegt ze, “hun eigen opa’s wonen niet bepaald in de buurt en hoe heerlijk is het voor kinderen om een opa vlak bij huis te hebben”. En een beetje schuchter voegt ze eraan toe: “Enne, ikzelf vind dat ook fijn”. Menno glundert, hij zegt dat Jetteke hem dan voortaan geen buurman en u meer moet noemen maar gewoon Menno en jij. Jetteke belooft hem dat en dan verdwijnt ze naar de keuken om het eten klaar te gaan maken. Het duurt niet lang of heerlijke geuren vullen het huis, Menno zucht er zomaar van, dit gevoel heeft hij al veel te lang niet meer gehad.

Eten met de buren en hun kinderen, het is een hele belevenis voor Menno, eentje die hij met volle teugen geniet. Niet alleen het eten is voortreffelijk maar ook het heerlijke gebabbel van de meisjes, de gesprekken van- en met Freddy en Jetteke, och wat warmt Menno zich hieraan. Hij blijft nog even voor een bakje koffie en als de meisjes gaan slapen krijgt ook hij een knuffel. Spontaan geeft hij ze een dikke knuffel terug, die meiskes toch, wat zijn ze lief!

Het is een Menno die diep in gedachten is als hij naar zijn eigen huisje terug loopt. De middag en avond die achter hem liggen waren zo anders, zo bijzonder, zo.. zo.. hij weet er geen woorden voor te vinden maar diep in zijn hart is een stukje warmte gekomen die de kilte die zich diep vanbinnen heeft genesteld een klein beetje weet te verdrijven. Voor het eerst in lange tijd valt Menno die avond meteen in een diepe slaap. Hij heeft nog even teruggedacht aan alles wat er vanmiddag gebeurd was en naast al zijn verdriet en pijn is er vanavond een sprankje nieuwe hoop en dankbaarheid, want hij die nooit vader had mogen worden mag nu opa zijn, opa van twee lieve kleine meisjes, wat een rijkdom. De nacht sluit zich om hem heen en als hij de andere morgen wakker wordt voelt hij zich rustig en blijft hij nog heel even liggen onder de koesterende warme deken.

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

De ring… 6

6.

trouwring

Woensdagmorgen, als Jetteke de kinderen naar school heeft gebracht klopt ze aan de achterdeur van buurman Menno. Deze is blij verrast zijn buurvrouwtje te zien, “kom erin Jetje” zegt hij blij, “bakje koffie?” vraagt hij. Jetteke knikt, “lekker buurman, en ik heb ook gelijk een vraagje aan u” zegt ze. Menno gaat eerst de koffie maar maken en als de Senseo zijn werk gedaan heeft kijkt hij Jetteke vragend aan: “Zeg het eens meisje? wat wilde je vragen?” Jetteke kijkt hem aan en zegt: “Het is eigenlijk een gunst buurman, ik moet vanmiddag weg en nu zit ik met de meisjes, ik heb geen oppas voor ze en nu vroeg ik me af of u misschien een paar uurtjes op ze zou kunnen passen? U kunt dan gewoon bij ons thuis komen, daar hebben ze hun eigen spulletjes en dan zouden we het ook gezellig vinden als u dan vanavond blijft eten?” Afwachtend kijkt Jetteke naar Menno’s gezicht, hoe zou hij hier op reageren? Menno kijkt eerst blij verrast, dat geeft een stukje afleiding en invulling aan deze lege dag, maar direct daarop kijkt hij zorgelijk want kan hij dat wel? Kan hij wel voor de meisjes zorgen? Hij spreekt zijn twijfels uit naar Jetteke maar deze weet hem te overtuigen dat hij dit echt wel kan. Dan geeft Menno zijn toestemming en als Jetteke wat later naar huis gaat is er sinds lange tijd een piepklein zonnestraaltje Menno’s hart binnengeslopen. Hij kijkt uit naar de middag.

Tijdens de lunch vertelt Jetteke de kinderen dat buurman Menno vanmiddag op hen komt passen omdat mama weg moet. De kinderen juichen, dat vinden ze wel gezellig. Jetteke had niet anders verwacht, ze kent haar twee bengeltjes. Om klokslag 1 uur staat Menno aan de deur en nadat Jetteke hem nog even wegwijs heeft gemaakt laat ze hem bij de meiden achter en vertrekt. Waarheen? Ach, wat doe het ertoe? Haar doel voor deze dag is bereikt en nadenkend loopt ze richting de bushalte om even later in de bus te stappen die haar naar de stad brengt.

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

De ring… 5

5.

trouwring

Een week later moeten de kinderen weer naar school en als Jetteke al vroeg door de rammelende wekker wordt wakker gemaakt groeit er zomaar een plannetje in haar gedachten. Ja, misschien dat dát buurman een beetje zou kunnen helpen…

Zodra ze de kinderen naar school heeft gebracht gaat Jetteke naar de buurvrouw aan haar andere kant, buurvrouw is thuis en is verrast dat Jetteke haar met een  bezoekje vereert. “Bakje koffie Jet?” vraagt buurvrouw, die Elske heet, “graag Els” zegt Jetteke en terwijl Elske de koffie gaat halen overdenkt Jetteke haar plannetje nog eens. Als de dampende kopjes koffie op tafel staan steekt ze van wal: “Luister Elske, je weet dat buurman Menno het moeilijk heeft na de dood van zijn lieve Desi hè?” Elske knikt, ja dat heeft ze wel gemerkt. “Nou, ik was zo aan het nadenken of we hem niet een beetje kunnen helpen en nou heb ik een plannetje. Buurman Menno moet eigenlijk weer een beetje onder de mensen komen, de laatste jaren heeft hij alleen geleefd voor zijn vrouw en kwam hij helemaal nergens meer. Nu begrijp ik heel goed dat hij er niet één twee drie klaar voor is om ergens heen te gaan maar misschien kunnen we hem wél zover krijgen dat hij bij ons alvast wél weer een beetje contacten aanknoopt maar daar moeten we hem bij helpen want zoals hij nu is en zich nu voelt heeft hij helemaal nergens zin in of puf voor”. Elske knikt nadenkend “en hoe had je dat dan gedacht?” vraagt ze. Eh, eigenlijk wil ik onze kinderen daar voor inzetten, hij is dol op die twee en sowieso is hij dol op kinderen. Hij en Desi hadden ook altijd belangstelling voor de kinderen uit ons buurtje en steevast kregen ze aandacht en iets lekkers. De kinderen waren ook dol op Desi en hem maar nu Menno zich zo terugtrekt zijn ze toch een beetje verlegen naar hem toe. Vragend kijkt Elske naar Jetteke, hoe wil zij de kinderen hierin betrekken? En dan ontvouwt Jetteke haar plan…

Een kwartiertje later zitten beide dames druk te praten, helemaal opgaand in het plan van Jetteke en als deze na een uurtje huiswaarts keert ligt er een blijde glimlach om haar mond. Dit móét gewoon lukken!

Om kwart over drie ‘s middags staat Jetteke bij de school om haar kinderen op te halen en als ze langs het huis van Elske lopen steekt die haar duim op, blij zwaait Jetteke terug en gaat met de meisjes hun eigen huis binnen. Eerst even wat drinken maken, lekker warme chocolademelk, dat is zo heerlijk met dit koude weer. De dametjes genieten er zichtbaar van en vertellen over school. Als ze zijn uitverteld gaan ze lekker spelen, Joy gaat een mooie tekening maken en Mandy gaat met haar poppen spelen, ze is een echt poppenmoedertje. Tegen de tijd dat Freddy thuis komt geurt het heerlijk in huis, handenwrijvend komt hij binnen, “dag schat, goede dag gehad vandaag?” vraagt hij, “ja zeker, jij ook?” Freddy knikt, ja hoor, ook zijn dag was prima. Jetteke roept de kinderen en met elkaar gaan ze aan tafel. Ze genieten van de heerlijke maaltijd en de kinderen kwebbelen gezellig honderduit. Als ze wat later lekker in bed liggen en de rust is weergekeerd begint Jetteke haar plan ook aan Freddy uit te leggen. Freddy luistert aandachtig, stelt hier en daar wat vragen en knikt dan instemmend. Ook hij hoop dat ze buurman Menno hier wat mee kunnen helpen. “Wat ben je toch een schat om zoiets te bedenken” zegt hij warm. Jetteke kleurt van genoegen en tevreden met elkaar en de hele wereld zitten die twee daar nog een poos heerlijk op de bank tot het tijd is naar bed te gaan.

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

De ring… 4

4.

trouwring

Jetteke en Freddy zitten samen met hun kroost aan tafel, ze heeft een lekkere maaltijd gekookt en ze laten het zich goed smaken. De meisjes kletsen honderduit over school en over hun vriendinnetjes. Jetteke en Freddy luisteren geamuseerd, het maakt de maaltijd altijd weer gezellig. Na het eten mogen de meisjes nog even opblijven en terwijl Jetteke zich om de vaat bekommert gaat Freddy de meisjes alvast “bedklaar” maken. Wassen, tanden poetsen, pyjama aan en dan nog héél eventjes naar beneden. Als Jetteke klaar is met de vaat mogen de meisjes nog even, ieder aan een kant van mama, luisteren naar een verhaaltje dat ze voorleest en daarna gaat papa ze lekker naar bed brengen. “Welterusten mama” 2 natte kusjes en 2 dikke knuffels van haar meisjes. “Welterusten lieve schatten, slaap lekker” zegt Jetteke en zo gaan ze met papa mee naar boven. Jetteke hoort ze lachen op de trap en 10 minuten later komt Freddy weer naar beneden. Zijn prinsesjes zijn heerlijk onder gestopt en zullen zo wel slapen, hun oogjes vielen al bijna dicht toen hij het licht uit deed.

Als Jetteke de koffie heeft gehaald en weer op de bank komt zitten zegt ze: “We moeten eens praten over buurman Menno, die man heeft het zo verschrikkelijk moeilijk Freddy”. Freddy knikt, “ja, dat geloof ik ook Jet, avond aan avond, als ik thuiskom van mijn werk, is de kamer nog donker, geen enkele lamp aan en soms zie je alleen het licht van de televisie. Die man moet zich toch verschrikkelijk eenzaam voelen?” Jetteke knikt, ja dat hij eenzaam is dat zie je gewoon aan hem, het straalt er van af. Hij en Desi hebben ook geen kinderen en dat maakt het allemaal nog moeilijker natuurlijk want er is niemand die naar hem omkijkt. “Hij vertelde vandaag dat hij overal te moe voor is, hij zorgt ook niet goed voor zichzelf denk ik hoor, hij ziet er helemaal niet goed uit. Ik heb hem wat verse kippensoep gebracht vanmorgen en dat heeft hij wel gegeten maar verder denk ik dat hij voor zichzelf geen moeite doet om goed te eten”. Jetteke moet er eens van zuchten. Ze is van deze lieve buren gaan houden en tijdens de ziekte van de buurvrouw heeft ze dikwijls haar diensten aangeboden waar ook dankbaar gebruik van gemaakt is, maar nu buurman alleen is vindt ze dat toch een beetje lastiger. Kan ze hem wel lastigvallen, vindt hij het niet vervelend als ze komt, wil hij niet liever alleen zijn of is het juist goed voor hem dat ze af en toe even gaat kijken? Vragen waar ze mee zit en waar ze niet meteen een antwoord op weet. De rest van de avond houdt dit haar bezig en als ze gaat slapen is er een gebed in haar hart voor buurman Menno.

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

De ring… 3

3.

trouwring

Als Menno een paar uurtjes later van de heerlijke soep eet is het niet alleen de soep die hem goed doet, maar bovenal de liefde waarmee Jetteke en Freddy hun zorg voor hem laten merken. Wat een schatten zijn het toch en Menno’s hart wordt warm als hij zich dit realiseert. Als ‘s middags de kleine Mandy van 6 aan de achterdeur klopt om het pannetje op te halen geeft Menno het kleine meisje een aai over haar bol en haalt een rol snoep voor haar en voor haar zusje uit de kast. Desi gaf hem altijd opdracht om iets lekkers voor de kleine meisjes mee te brengen als hij boodschappen ging doen. Ze vond het zo leuk om de meisjes af en toe iets te geven als ze langskwamen. “Dankuwel buurman” glundert het kleine ding, en met de pan in haar armen en het snoep in haar jaszak huppelt ze het pad af naar huis. Glimlachend kijkt Menno haar na.

Als het begint te schemeren zit Menno in zijn stoel voor het raam. Met nietsziende ogen staart hij naar buiten waar mensen zich naar huis reppen. Het is koud en iedereen verlangt naar zijn warme huis. Menno is diep in gedachten, alles van de afgelopen jaren laat hij passeren en er komt een diepe pijn in zijn ogen. Zoals hij daar zit lijkt hij wel een oude man hoewel hij toch nog helemaal zo oud niet is. Hij is net de 65 gepasseerd en in principe nog fit genoeg om van alles te kunnen ondernemen maar omdat hij de laatste jaren aan huis gekluisterd was i.v.m. de ziekte en de verzorging van Desi is hij een echte huismus geworden. hij heeft destijds zijn werk opgezegd omdat hij dat niet vol kon houden samen met de situatie thuis. Hij wilde er helemaal zijn voor zijn vrouw en heeft er daarom voor gekozen te stoppen met werken. Vakantie was er de laatste jaren ook niet meer bij geweest hoewel ze vroeger ieder jaar toch wel een week of 3 op vakantie gingen. Ach, hij heeft het niet gemist hoor, zijn vrouwtje was belangrijker dan al het andere. Hij zucht eens diep en staat dan op om iets voor zichzelf te eten te maken. In de keuken pakt hij 2 boterhammen, belegt die met een plakje kaas, pakt een beker melk en gaat dan voor de tv zitten om het op te eten. Even de gedachten verzetten en naar het nieuws luisteren. Niet dat je daar nu vrolijk van wordt…

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

De ring… 2

2.

trouwring

Als Menno nog maar net beneden is wordt er aan het achterraam geklopt. Menno ziet het vrolijke gezicht van zijn vriendelijke buurvrouw. Jetteke is nog jong, zo’n jaar of 35 schat hij haar. Ze is getrouwd met Freddy en samen hebben ze 2 kleine meisjes van 6 en 8 jaar, Mandy en Joy. Het zijn ontzettend lieve buurtjes en Menno en Desi hebben heel veel steun aan hen gehad in de afgelopen jaren. En ook nu nog, nu Desi er niet meer is, is het Jetteke die zich over buurman Menno ontfermt. “Goedemorgen buurman” zegt Jetteke als hij de deur voor haar heeft geopend. “Ik kom u alvast wat lekkere kippensoep brengen voor vanmiddag. Ik heb ze net gekookt en ze is heerlijk. Het zal u goed doen! Hoe is het vandaag, gaat het een beetje?” Jetteke vraagt het tegen beter weten in want ze heeft allang gezien dat het helemaal niet goed gaat met Menno, eerlijk gezegd maakt ze zich grote zorgen over hem. Het verlies van zijn vrouw heeft hem heel hard aangepakt en Jetteke en Freddy proberen met alles wat in hun macht ligt deze man te helpen. Menno zucht moeilijk, hij wil niet almaar klagen als Jetteke komt en dapper produceert hij een klein glimlachje als hij zegt: “ach buurvrouw, het is niet gemakkelijk maar ja, je moet verder hè?” Jetteke kijkt hem warm aan en zegt: “buurman, voor mij hoeft u zich niet groot te houden hoor, ik begrijp best dat heel uw leven op de kop staat nu en dat het verschrikkelijk moeilijk is om zomaar door te gaan. Het is immers niet niks? U was al zo lang samen en nu uw lieve vrouw is overleden is het logisch dat u niet zomaar “verder” kunt en dat mag u gerust laten merken”. Ook nu er een nieuw jaar voor u ligt kan ik begrijpen dat dat heel erg moeilijk is en wil ik u zeggen dat wij altijd voor u klaar staan om u, waarmee dan ook, te helpen. Dankbaar kijkt Menno Jetteke aan, het doet hem goed dat ze dit zegt en dat ze begrijpt dat het eigenlijk allemaal helemaal niet gaat. Ja, om hem heen gaat alles door maar voor hem is het alsof de tijd stil staat, alsof hij niet verder leven kán. Hij kan er niet toe komen om de dingen te doen die hij normaal altijd deed. Hij was degene die de laatste jaren het ontbijt voor hemzelf en Desi klaar maakte. Hij zette wat later op de ochtend gezellig een bakje koffie, zorgde voor de boodschappen en kookte ‘s avonds het eten. Voor de verzorging van Desi kwamen er mensen van de wijkverpleging en ook voor het huishouden kwam er 1 x in de week een aardige dame, Marion. Zij was al een aantal jaren de vaste hulp van Menno en Desi en had ook alles rondom de ziekte en het overlijden van Desi meegekregen. Ook nu nog komt ze iedere week om zijn huisje schoon te houden, een trouwe, meelevende vrouw.

Menno kijkt Jetteke aan, even waren al deze gedachten door zijn hoofd gegaan en tegelijk met deze gedachten beseft hij dat er mensen zijn die om hem geven, die hem willen helpen en Jetteke is er daar zéker één van. “Bedankt voor de soep Jetje” soms noemt hij haar liefdevol bij deze naam, “ik zal er zeker van genieten strakjes. Ach weet je, het is me vaak allemaal teveel moeite om zomaar alleen voor mezelf eten klaar te maken. Voor Desi deed ik het altijd met veel liefde maar het lijkt wel alsof ik overal te moe voor ben”. Jetteke knikt begrijpend. “Het heeft tijd nodig buurman, ik begrijp dat best, gun uzelf maar de rust en de tijd om alles een klein beetje te laten bezinken. En u weet het, als we u ook maar érgens mee kunnen helpen dan willen we dat heel graag doen”. Menno knikt dankbaar en pakt even de hand van Jetteke. “Jullie zijn goud waard, wat bof ik dat jullie mijn buren zijn!”. Jetteke kleurt ervan, ze zegt dat ze het pannetje van de soep wel weer op komt halen en gaat dan via de achterdeur  terug naar haar eigen huis.

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

De Ring… 1

1.

trouwring

Bam, bam, bam, bam…. 12 x slaat de grote klok in de toren van de kerk. Overal knalt vuurwerk, nog meer dan zonet, alsof de hemel in allerlei kleuren uiteen spat, rode, groene, witte watervallen hangen er in de lucht en verdwijnen langzaam weer. Buiten wensen buren elkaar luidruchtig een goed nieuw jaar en kinderen lopen met sterretjes door de tuinen. In zijn huisje, vlakbij de kerk, zit Menno van Galen. Hij staart mismoedig door de ruit naar buiten en observeert het vrolijke gedoe van de mensen uit zijn straatje. Zijn gezicht is gegroefd door het verdriet dat hij de laatste jaren heeft meegemaakt en dat nog maar zo kort geleden tot een climax is gekomen. Zijn lieve vrouw, waarmee hij meer dan 40 jaren getrouwd is geweest, is hem na een langdurig ziekbed ontvallen. Dag en nacht was hij voor haar in de weer geweest, jarenlang heeft hij voor haar gezorgd en hij deed het met liefde. Gekoesterd heeft hij de mooie momenten die ze toch nog samen hadden mogen beleven. Gekoesterd heeft hij de nachten wanneer hij naast haar lag en af en toe haar hand streelde. En nu… voorbij!! Nee, voor hem, Menno, zal het geen goed nieuw jaar worden dat weet hij zeker! Nooit zal het meer goed worden, nooit meer!!

Als een gebroken man staat Menno langzaam op uit zijn stoel bij het raam. Hij doet het licht uit en gaat naar bed. Oh, niet om te slapen, nee, dat kan hij al tijden niet meer, maar ja, misschien kan hij toch een beetje wegdommelen en zo toch voor heel even zijn pijn niet hoeven voelen. Hij stommelt de trap op naar boven, naar de slaapkamer waar het leeg lijkt, net zoals het overal in zijn huis leeg lijkt zonder zijn lieve Desi. Eenmaal in bed malen zijn gedachten nog verder, wat moet hij beginnen? De dagen rijgen zich aaneen als een snoer van donkere dreigende kralen, geen lichtpuntje valt er voor hem te ontdekken, alles is grauw, leeg en donker geworden. Zijn Desi heeft ieder spoortje van licht in haar graf meegenomen. Vermoeid van alle pijn en verdriet zakt Menno af en toe weg voor een paar minuten, om dan weer klaarwakker te worden en verder te piekeren zodat hij nog steeds vermoeid de andere morgen uit zijn bed komt. Weer een nieuwe lange, lege dag grijnst hem aan… de eerste dag van een lang, leeg, nieuw jaar…

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail

Twee 7 jarigen.

komt laten wij aanbidden

“Komt laten wij aanbidden die Koning….”

Vanaf de achterbank van mijn auto klinken 2 kinderstemmetjes die eensgezind zingen, de stemmetjes van mijn kleindochter Lynette en haar vriendinnetje. Ik zou haar van school halen en dan oppassen. Zij heeft op de vrijdagmiddag nog vrij en haar 2 zusjes zouden dan zelf naar huis komen, de ene zit ook nog op de basisschool en de andere net in de brugklas. Toen ik bij school kwam stond Lynette te wachten samen met haar vriendinnetje en diens vader. De vraag was of het vriendinnetje mee mocht om te spelen, ik vond het prima dus heb de 2 dames mee genomen.

Eenmaal onderweg vroeg het vriendinnetje of ze iets mocht zingen, ze waren op school aan het oefenen voor het kerstfeest en voor een optreden in een verzorgingshuis met de klas. Ik vond het uiteraard heel leuk en zo begon eerst het vriendinnetje te zingen, later bijgevallen door Lynette. Eerst zongen ze een lied dat erover ging hoe de Here Jezus eeuwen geleden geboren was. Daarna ging het verder met “Zijn naam is Jezus” en ze eindigden met “Komt laten wij aanbidden, die Koning”.

Het ontroerde me, dit kindergezang op de achterbank, 2 kleine meisjes van 7 jaar oud die zo vol overtuiging en eensgezind samen zongen. Ik genoot er van en ik denk dat de Here God er net zo veel van genoten heeft.

Weet je, in de wereld van de volwassenen, ook die van de christelijke “ volwassenen” is het vaak zo dat een ieder zijn eigen gelijk wil halen, er is strijd om allerlei zaken, over heel veel meer zaken wordt er gediscussieerd waarbij een ieder wel zijn eigen argumenten (en vooral ook Bijbelteksten) heeft om de dingen te onderbouwen en wie heeft er gelijk? Is het belangrijk wie er gelijk heeft?

Ik zal je zeggen dat op het moment dat deze twee kinderstemmetjes op mijn achterbank aan het zingen waren, het weer zo diep tot me doordrong dat het geloof niet een kwestie van “religie en gelijk” is, maar een kwestie van “relatie en liefhebben”, een persoonlijk contact met de Here God waarbij we onze liefde naar Hem toe mogen uitspreken, hoe heerlijk is dat. We kunnen een voorbeeld nemen aan de kinderen, zoals de Here Jezus het ook zelf gezegd heeft trouwens.

De verdere dag zong het lied door in mijn hoofd en ik dacht: We zouden het veel meer moeten doen, eensgezind, verbonden door Zijn liefde, deze prachtige woorden zingen voor onze Heer en Heiland. “Komt laten wij aanbidden, die Koning!”

kids-singing-8

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail