Willekeurige bemoediging
  • 11 oktober 2007
    Er staat in Psalm 34:20 : Talrijk zijn de rampen van de rechtvaardige, maar uit die alle redt hem de Here.  Er …
Archief

CD: U bent er altijd

Here is the Music Player. You need to installl flash player to show this cool thing!

De verloren zoon

Ik zag je gaan, je voelde je tevreden,
je was zo blij, je voelde je zo rijk,
het liefst vergat je alles uit’t verleden,
ik zag geen angst, geen enkel liefdeblijk.
Alleen maar onrust die je geheel doorstroomde,
verlangen naar wat morgen brengen zou.
ik zag je gaan en ‘k heb je nagefluisterd:
mijn lieve jongen, ik houd zoveel van jou.

Toch heb ik jou gegeven wat je toekwam
en ik heb je in mijn wijsheid laten gaan,
als ‘k had getracht je plannen te verhind’ren
dan had je immers nooit mijn liefde goed verstaan?
Ik zag je gaan en ik ben blijven kijken,
verlangend naar jou hield ik daar stil de wacht,
ik wilde klaarstaan als je terug zou komen
en zo bleef ik daar wachten, dag en nacht.

Oh, nooit zal ik dat moment vergeten
dat ik je in de verte komen zag,
mijn hart sprong op van vreugde en van liefde,
voor mij was dat de allermooiste dag.
Ik weet nog goed, ik nam je in mijn armen
en ‘k drukte je heel vast tegen mij aan,
ik voelde geen verwijten, enkel blijdschap
en ik zei: mijn zoon, ik laat je nooit meer gaan.

Je stamelde, ik ben het niet meer waardig
uw zoon te zijn, ik deed zoveel verkeerd,
nu kom ik terug om u als knecht te dienen,
in de afgelopen tijd heb ik zoveel geleerd.
Ik dacht dat ik veel vrienden had
en vrienden, vond ik, kun je wel iets lenen,
maar in korte tijd had’k al mijn geld verbrast
en waren ook mijn vrienden snel verdwenen.

Toen ben ‘k gaan werken, ‘k ging de varkens hoeden,
want terug naar huis, dat durfde ik toch niet,
ik had veel tijd om almaar na te denken
en toen opeens begreep ik uw verdriet.
Zolang ik leef was u altijd degene
die telkens weer heeft klaargestaan voor mij
en inplaats van dank ben ik zomaar verdwenen,
eindelijk vrijheid, dacht ik toen nog blij.

Die vrijheid hield mij al heel snel gevangen,
ik kon nergens heen, ik had geen uitzicht meer
en uiteind’lijk ben ik toch met vrees en beven
tot u gekomen, maar als knecht mijn heer.
Ach jongen, ik wil jou als knecht niet hebben
je bent mijn zoon, zoals je altijd bent geweest,
vandaag ben je bij me terug gekomen
en speciaal voor jou geef ik een groot feest.
Ik geef je een ring en nieuwe kleren,
Het gemestte kalf laat ik slachten voor jou,
We denken niet meer aan wat geweest is,
Mijn lieve zoon, ik houd zoveel van jou!