Willekeurige bemoediging
  • 3 augustus 2005
    Gisteren schreef ik over het principe van “geven”, ook over het verhaal van de weduwe te Sarefat. Hoe zij gehoorzaamde …
Recente reacties
Archief

CD: U bent er altijd

Here is the Music Player. You need to installl flash player to show this cool thing!

12 december 2005

Vele jaren geleden heb ik eens iemand ontmoet, en deze man vertelde dat hij vaak mensen over de vloer had. Mensen van allerlei rangen en standen, van allerlei culturen en geloven. Ook “bekende Nederlanders” kwamen bij hem thuis. Maar deze man vertelde dat, wanneer hij wist wie er zou komen, hij de inrichting van zijn kamer aanpaste aan het bezoek. Zo had hij bijvoorbeeld enkele bijbels die hij neerlegde als er christenen kwamen. Hij had Mariabeeldjes en “heiligen” voor als er Katholieken kwamen, hij had boeddhabeeldjes en nog veel meer boeken en voorwerpen, die hij telkens weer verwisselde, al naar gelang het bezoek dat hij ontving.

Lijkt me trouwens ook wel lastig, vroeg of laat móét je toch weleens een foutje maken lijkt mij? In ieder geval, deze man had duidelijk geen eigen mening en geen eigen identiteit, hij pastte zich voortdurend aan anderen aan. Ik weet niet of hij dat deed om anderen te behagen, of omdat hij bang was anders afgewezen te worden, of misschien om beide redenen wel, want het één hangt, denk ik, toch wel met het andere samen.

Nou kun je hierom lachen, of je kunt het raar vinden, of slap, of wat dan ook. Maar wat deze man deed bij zichzelf thuis, doen vele christenen netzogoed, maar dan met hun mond. Ze passen zich aan aan het gezelschap waarin ze verkeren. En ik moet je zeggen dat het soms ook best moeilijk kan zijn hoor, want sommige mensen zijn zó dominant, dat je daar liever geen conflict mee krijgt en voor de lieve vrede dan maar instemt met wat zo iemand zegt. Of je lacht mee met grapjes de eigenlijk niet om te lachen zijn, of noem maar op. En dan denk ik terug aan vroeger, als kind zijnde wilde je inderdaad heel graag bij anderen “horen” en zoals ik vandeweek over mijn kinderen vertelde, die veranderden toen ze naar het voortgezet onderwijs gingen, zo is het met veel volwassenen ook. En je ziet het best vaak, mensen zijn óf heel dominant, óf ze zijn véél te flexibel en waaien met alle winden mee.

Toch kan het ook anders, twee jaar geleden heb ik opnieuw iemand ontmoet die ik heel lang geleden al eens eventjes een poosje had gekend. En in de tussenliggende jaren was er bij hem heel erg veel veranderd, ook in zijn manier van het beleven van zijn geloof. Toen we elkaar pas weer hadden ontmoet, vertelde hij wel heel summier over zijn geloofsleven, maar niet al te veel, want de ervaring had hem geleerd dat er altijd discussies ontstonden waarbij hij dan zijn standpunt  weer geheel opnieuw moest verdedigen, er allerlei onderbouwing vanuit Gods woord bij moest halen en dan toch alleen maar weer kritiek kreeg, en hij was dat meer dan moe. Dus wilde hij er liever maar helemaal niet over praten. Toen heb ik hem gezegd dat ik helemaal niet uit was op een conflict, dat ik geen discussie wilde, maar gewoon een gedachtenwisseling over hetgeen hem en mij zo bezighield. Langzaamaan is toen het gesprek op gang gekomen en in de afgelopen twee jaar is er een hele hechte vriendschap ontstaan uit deze hernieuwde ontmoeting. Een vriendschap gebaseerd op wederzijds respect, hoewel we het heus niet altijd eens zijn over alles. Maar wél sta je dan open voor die ander, waardoor je zijn woorden niet meteen verwerpt, maar óók niet meteen voor waar aanneemt. Het punt is dat je een open hart hebt naar elkaar toe, en dat je niet zó vol bent van je eigen mening dat er voor die van een ander geen plaats meer is. Er is ruimte om de woorden en de mening van een ander te “horen” en er naar te kijken. En dan kun je in alle rust de dingen overwegen en zien of die ander misschien zelfs wel gelijk heeft. Je hoeft je eigen mening niet ondergeschikt te maken aan de ander, maar je mag wél eerlijk genoeg zijn om te erkennen dat je niet de wijsheid in pacht hebt, en dat die ander óók weleens gelijk kan hebben. En soms ook kun je heel goed twee meningen hebben die uiteindelijk tóch parallel lopen aan elkaar en alletwee acceptabel zijn.

De bijbel leert ons om alles te onderzoeken, ook de dingen die ons verteld en geleerd worden op geestelijk gebied, waarbij we de Here God raadplegen en met Hem samen de dingen bekijken en overleggen. David zegt het in Psalm 19:15 : Mogen de woorden van mijn mond en de overleggingen van mijn hart U welgevallig zijn, o Here,  mijn rots en mijn verlosser. Het is goed om alles met Hem te bespreken en Zijn idee daarover te raadplegen. Er staat in Spreuken 16:1 : De mens heeft overleggingen des harten, maar het antwoord der tong is van de Here. Met andere woorden, er komt heel wat binnen, maar uiteindelijk mag dátgene wat wij naar buiten brengen, zo zijn dat het de goedkeuring van de Here God heeft. Wij mogen standvastige christenen zijn, mensen die niet zomaar meewaaien met alle winden, maar ook geen mensen die star en strak alléén onze eigen mening nalopen. We mogen bomen zijn die wél buigen, maar niet breken. Flexibel, doch standvastig.

Zelfbewust, een eigen mening,
dingen die een voordeel kunnen zijn.
Als ze deel uitmaken van jouw wezen,
kan dat je helpen, en dat is heel fijn.
Maar het is goed om tóch te allen tijd,
met God de dingen te bespreken,
Hij heeft zóveel wijsheid over alles
en Hij leert ons te buigen, zonder breken.

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestmail


+ 7 = 15