Ingrid Steenbeek
Ik wil hier graag iets vertellen over een vriend, over Hans.
Ik heb Hans 15 jaar geleden voor het eerst ontmoet en destijds
hebben we verschillende maanden samengewerkt.
Ik heb Hans toen niet echt goed leren kennen en daarna zijn we
elkaar, door allerlei omstandigheden, uit het oog verloren.
Totdat ik in het begin van dit jaar door een verkeerd ( of was het juist
door een "goed") geadresseerde e-mail, opnieuw met hem in contact
ben gekomen.
Hieruit is een e-mail wisseling ontstaan die in de loop der maanden
steeds intensiever is geworden.
We hebben veel dingen kunnen en mogen delen met elkaar en zo is
er in zeer korte tijd een zeer bijzondere vriendschap ontstaan.
Ik heb gezien dat Hans een heel erg zwaar en moeilijk leven heeft gehad
en soms was het leven voor hem zó donker, dat hij geen kant meer
uit kon.
En in zo'n periode, waarin het leek alsof hij totaal geen uitzicht meer
had, heb ik dit
gedicht voor hem geschreven.
En de eerste twee verzen schetsen de situatie waarin hij zich bevond
en de volgende twee verzen waren bedoeld als bemoediging, om hem te laten weten dat God ook in dat diepe dal, heel dicht bij hem was, en
hij heeft het gelezen en hij herkende zichzelf erin en was er ook door
bemoedigd.
En enkele weken later is hij op 70 jarige leeftijd overleden, en toen
heb ik dat laatste vers er nog bijgemaakt.
Maar hij heeft de hand van zijn Heer vastgepakt en het is zo'n grote troost
dat we mogen weten dat hij nu bij zijn hemelse Vader thuis mag zijn.