
Ingrid Steenbeek |
Bij ons in de samenkomst was een klein manneke van en jaar of drie, hij zat met zijn moeder in de zaal en zijn vader stond op het podium. Op een gegeven moment ontglipte hij aan ieders aandacht en was, voordat iemand kon reageren, al het podium opgeklommen. Hij ging naast zijn vader staan, heel dicht tegen hem aan, en hij straalde. De vader keek naar de jongen en legde zijn hand op het hoofd van de jongen die hier intens van genoot. Het was zo'n mooi beeld, en de vader haakte erop in en zei dat ook onze hemelse Vader graag wil dat wij zó bij Hem zullen komen. Dat het Zijn verlangen is om ons heel dicht bij Zich te mogen hebben. Ik dacht hieraan terug en ik weet dat het waar is, onze Vader kijkt naar ons, wacht op ons, verlangt naar ons, en er is voor Hem niets mooiers dan dat wij doelbewust, onze blik op Hem gericht, alles en iedereen voorbij gaan met slecht één wens: Ik wil bij "Papa" zijn. Vader en kind. Zo'n leuke kleine man, hij wilde naar zijn vader en doelbewust ging hij aan iedereen voorbij. Hij stelde zich heel dicht aan zijn vaders zijde, en stond daar, ontroerend klein zijn vaders kind te zijn. De vader keek vertederd naar zijn kleine zoon, en legde zijn hand, licht op het hoofdje en 't gezicht. Beschermend en vol liefde was de vader voor zijn zoon, ze hoorden bij elkaar, ze vormden zo'n mooi paar. Een vader en zijn kind, stil stond 'k ernaar te kijken, en terwijl ik daar zo stond kwam er een glimlach om mijn mond. Mijn Vader kijkt naar mij, vertederd en bewogen, en als ik aan kom lopen heeft Hij Zijn armen open. Zijn hand ligt op mijn hoofd, Zijn armen om mij heen, beschermend voor gevaar in zó'n liefdevol gebaar. Een Vader en Zijn kind Hij en ik zo samen, er is niets zo fijn als dicht bij Hem te zijn. |